Onderzoek van diverse luchtvaartongevallen

De Onderzoeksraad voor Veiligheid heeft een update gegeven van verschillende onderzoeken die lopen met betrekking tot ongevallen die zich in de afgelopen negen maanden in de luchtvaart hebben voorgedaan. Zo betreft de foto een noodlanding in een tarweveld van een eenmotorige vliegtuig.

Dit eenmotorige vliegtuig (Kitplanes for Africa Safari VLA, PH-JOO) startte 13 augustus vanaf vliegveld Oostwold met als bestemming vliegveld Stadskanaal om daar autobenzine (Mogas) te tanken. Aan boord bevonden zich de piloot en een passagier. De piloot verklaarde dat hij op downwind voor baan 24 van vliegveld Stadskanaal beide brandstoftanks selecteerde. Korte daarna stopte de motor waarop de bestuurder een noodlanding uitvoerde in een tarweveld. Het toestel raakte hierbij zwaar beschadigd. Geen van beide inzittenden liep letsel op.

Op Amsterdam Airport Schiphol ontstond op 20 april een conflict tussen een arriverende Boeing 737 die naar gate D54 taxiede en een vertrekkende Embraer 190, die van gate D31 naar achteren werd geduwd (pushback). De bemanning van de Boeing 737 maakte een noodstop om een botsing te voorkomen en ook de trekkerchauffeur, die de pushback van de Embraer uitvoerde, stopte direct. Volgens de bemanning van de Boeing 737 was de onderlinge afstand tussen beide vliegtuigen op dat moment twee meter.

De Boeing 747-400, afkomstig van Amsterdam en op 4 juni onderweg naar Hong Kong, ondervond zware turbulentie tijdens de daling in het zuidoostelijk deel van het Chinese luchtruim. Acht inzittenden, waaronder twee leden van de cabinebemanning, werden na de vlucht medisch onderzocht in een ziekenhuis vanwege opgelopen letsel tijdens de turbulentie. Eén passagier bleef een nacht in het ziekenhuis. Het onderzoek naar dit voorval is in afstemming met de Civil Aviation Administration of China (CAAC) gestart door de Onderzoeksraad. De Onderzoeksraad onderzoekt het voorval met ondersteuning van de betrokken luchtvaartmaatschappij, de Air Accident Investigation Division van de CAAC en het onderzoekskantoor van het Civil Aviation Department van Hong Kong.

Tijdens de startaanloop op 26 juni van een eenmotorig lestoestel (Diamond DA-40D, OO-CDC) had de bestuurder van een maaimachine van de luchthaven Maastricht Aachen de intentie de startbaan over te steken. De verkeersleider liet de piloot van het vliegtuig de start afbreken. De piloot volgde deze instructie op en brak de start af. De bestuurder van de maaimachine stond in contact met de luchthavendienst. De verkeersleider kon niet rechtstreeks in contact komen met de bestuurder van de maaimachine.

De piloot van een zweefvliegtuig (Grob Astir CS, PH-1066) was op 21 juli nabij Zwolle/Wapenveld genoodzaakt een buitenlanding te maken. Hij had een landingsveld gekozen waarbij hij eerst over een hoogspanningsleiding moest vliegen en daarna een lage neusstand moest aannemen om in het beoogde landingsveld te kunnen landen. Bij het ‘aanduiken’ liep de snelheid op. Tijdens het uitrollen na de landing botste het zweefvliegtuig tegen een grondtalud op een boerenerf. De piloot liep lichte nek- en rugklachten op en het zweefvliegtuig werd zwaar beschadigd.

De bemanning van een amfibievliegtuig (Consolidated PBY-5A Catalina) voerde 15 augustus een vlucht uit met vertrek van, en een geplande landing op, Lelystad Airport. Het hoofddoel van de vlucht was een 'memorial fly by' ter plaatse van het Indisch monument in Den Haag, waar de herdenking van de Japanse capitulatie plaatsvond. Na een vlucht van bijna twee uur werd op het IJsselmeer, nabij Lelystad, een vooraf geplande ‘splash and go’ (waterlanding met doorstart) uitgevoerd. Daarbij werden besturingsproblemen in de langsrichting van het vliegtuig ervaren. Tijdens de terugvlucht naar Lelystad Airport constateerde de bemanning door een inspectievenster dat de linkerneuswieldeur ontbrak. Bij de nadering van Lelystad Airport bleek het neuswiel niet uit te komen. De 'alternate gear extension procedure' bracht hier geen verandering in. De bemanning besloot een landing op alleen de hoofdwielen uit te voeren. De schade ten gevolge van de landing bleef beperkt tot de constructie van het neuslandingsgestel en de deuren daarvan. Geen van de achttien inzittenden raakten gewond.

 

Jan Schrijver; bron foto Luchtvaartpolitie
Geplaatst op 13-12-2017

< VorigeVolgende >


Share on: