Automatiseerders kunnen leren van de Rotterdamse haven

De financiële sector kan veel inspiratie opdoen door regelmatig in andere sectoren te kijken op welke wijze daar de digitale infrastructuur wordt ingericht en onderhouden. Bij de deelnemers van de Stichting Contactgroep Automatisering is dit inzicht versterkt na een recent bezoek aan de Rotterdamse haven.

Bij de Stichting Contactgroep Automatisering zijn 17 organisaties aangesloten die actief zijn in het ontwikkelen en aanbieden van softwaretoepassingen voor financieel adviseurs. Meer dan 90% van de in Nederland werkzame financiële adviseurs maakt dagelijks gebruik van één of meer door deze deelnemers ontwikkelde soorten software.

Rotterdamse haven: Logistieke nachtmerrie
In theorie is de Rotterdamse haven een logistieke nachtmerrie: Een grote diversiteit aan verschillende partijen uit verschillende landen en met verschillende vervoersmiddelen die goederen brengen en halen die in waarde en volume sterk verschillen. Veel van deze goederen worden gestopt in containers die aan de buitenkant er allemaal gelijk uitzien. Jaarlijks praten we hier over meer dan 8 miljoen containers. Toch is de Rotterdamse haven erin geslaagd tot een digitale infrastructuur te komen die wereldwijd een toonbeeld van efficiency en kwaliteit is. Dat diverse terminals al “smart terminals” zijn waar het grootste gedeelte van dit complexe proces door robotisering wordt afgehandeld, was mede reden voor de deelnemers van de Contactgroep Automatisering om met hun ICT-collega’s uit de Rotterdamse haven op locatie het gesprek aan te gaan.

Keuze voor één centrale organisatie maar niet voor één standaard
Tom Ehren, lid van de Contactgroep Automatisering: “Een van de eerste verschillen met onze sector is dat de Rotterdamse haven heeft gekozen voor een structuur waarin er één organisatie verantwoordelijk is voor de overkoepelende digitale infrastructuur. Dat is al anders dan in onze branche. In onze branche zijn er meerdere organisaties, zoals SIVI en HDN, die op deelgebieden overkoepelend coördineren.
Een tweede belangrijk verschil is dat in de Rotterdamse haven men bewust niet heeft gekozen om te proberen te komen tot één centraal ontwikkelde communicatiestructuur. Dit vanuit de gedachte dat de ontwikkeling van één standaard leidt tot allerlei politieke discussies (mijn oplossing is beter dan die van jou) maar ook het systeem kwetsbaar maakt. Een centraal systeem dat ‘platgaat’ legt gelijk de hele sector plat. De Rotterdamse haven heeft gekozen voor het uitgangspunt dat centraal geregeld is dat systemen met elkaar kunnen communiceren maar dat verder de vele in de haven werkzame organisaties een grote vrijheid houden bij het definiëren van functionaliteiten. Deze vrijheid geeft meer ruimte aan ontwikkelsnelheid bij de verschillende bedrijven in de sector, waardoor innovatie wordt gestimuleerd. Ook de kwetsbaarheid wordt minder omdat nooit alle subsystemen in één keer uitvallen”, aldus Tom Ehren. 

Baggeren waar geen schip vaart
Frank Rommers, mede-lid van de contactgroep: ”Een aardige illustratie van de kansen die ontstaan indien gebruik wordt gemaakt van data die door nieuwe technologieën beschikbaar komen, is het volgende voorbeeld. De Rotterdamse haven heeft gedurende enige tijd alle vaarbewegingen in de haven gevolgd. Vervolgens zijn deze data vergeleken met de baggerwerkzaamheden die permanent in de haven plaatsvinden. Wat bleek: op een aantal plaatsen werd door de jaren heen voor veel geld gebaggerd terwijl op die plaatsen nooit een schip vaart. Het klinkt te simpel voor woorden, maar het gebruik van deze data levert de haven een jaarlijkse besparing op van vele miljoenen euro’s. Ook hier kun je kijken naar onze branche en het vermoeden uitspreken dat er op verschillende plaatsen uit een automatisme handelingen plaatsvinden die wel geld kosten, maar geen enkele maatschappelijke meerwaarde hebben”. 

Vaker kijken naar ander branches
“Door allerlei oorzaken lopen wij als financiële sector niet voorop waar het gaat in het toepassen van digitale innovaties of het slim inrichten van een digitale infrastructuur,” zegt Jeroen Oversteegen, secretaris van de Stichting Contactgroep Automatisering. “Als Stichting gaan wij daarom vaker kennissessies met collega’s uit andere branches organiseren. Hiermee willen wij bijdragen aan een versnelling en verbetering van de digitale ontwikkelingen binnen onze sector”. 
Jan Schrijver; bron gegevens en foto Stichting Contactgroep Automatisering
Geplaatst op 01-10-2018


Share on: